De eerste keer dat er in een regionale krant aandacht werd besteed aan
het koor "Heerlijk Leed". Carla Houtappel was toen nog de dirigent
en Bernarda Huizer de accordeonist. Het eerste optreden was dus op
zaterdag 28 juni 1997 tijdens het Straattheaterfestival in Emmen. "Zuiver
zingen is geen vereiste; we zijn eerder enthousiaste dan goede zangers"
Wubby vertelt over Eddy Wally
Iemand vroeg eens aan Wubby Baalman, onze dirigente, of het waar was
dat Heerlijk Leed samen met Eddy Wally opgetreden had.
En òf we met Eddy Wally opgetreden hebben. Een gebeurtenis om nooit te
vergeten. Alsof je de paus zelf ontmoet, zoiets. Het gebeurde tijdens een
benefietavond in Bergen op Zoom in 1998 waarvoor Heerlijk Leed was
uitgenodigd. Opbrengst van deze avond -en van een veiling op zondag waar
ik, naar ik meen, voor fl. 100,- ben verkocht- ging naar een ziekenhuis in
Tanzania. Eén van de initiatiefnemers van dit jaarlijkse feest en
bijzonder chique veiling was Peter van der Velden, behalve inspirerend en
gewaardeerd lid van Heerlijk Leed ook nog burgemeester van Emmen en
afkomstig uit Bergen op Zoom. Vandaar.
Dat weekend was Heerlijk Leed "On tour" met een levensgrote bus. We hebben
vrijdagavond benefiet gezongen, zaterdagmiddag in een bejaardentehuis
(voor een lunch), zaterdagmiddag rondleiding in Bergen op Zoom,
zaterdagavond in Antwerpen (ergens op een hoekje, om te kunnen navertellen
dat we ooit in Antwerpen hebben gezongen), zondagmorgen in een soort
lunchroom (voor een kop koffie), zondagmiddag bij de veiling en ook nog in
Galder bij Leentje en Kees. Dat was feesten! Tegen die tijd waren er 7
koorleden die moesten mimen omdat hun stem op miraculeuze wijze verdwenen
was. (We zijn nadien nog twee keer terug geweest in Galder). Legendarisch
is ook onze optocht door Bergen op Zoom. Peter speelde op z’n trompet een
soort begrafenismars, voorop liepen Jan en Edwin als twee doodgravers. Zie
je het voor je? Pandjesjassen, hoge hoed in de hand op de borst,
tekstboeken op de arm, statige passen, Fokke en Paul die de gitaarkist ten
grave brachten. Ik kan het nòg uittekenen.
Onze chauffeur kenden we goed uit de locale horecagelegenheden. Hij (we
spreken af dat we gewoon hem de schuld geven) zorgde er voor dat het ’s
nachts erg laat werd. Hij was dan immers vrij en kon eindelijk óók eens
een biertje drinken. Uiteraard hielden we hem daarbij enthousiast
gezelschap. En uiteraard werd er daarbij ook gezongen c.q. gebrald totdat
medekoorleden in hun pyjamaatje hun kamer uitstormden en ons &*%#@ vroegen
of het wat zachter kon. Maar goed.
De bewuste vrijdagavond was Heerlijk Leed de hoofdact en zou Eddy Wally
ook optreden. Of andersom. Ons was ook gevraagd om samen met hem één van
zijn succesnummers te zingen. En toen was het zover. Tromgeroffel ..
iedereen hysterisch en gillen .. HIJ kwam de zaal binnen. Wuivend zoals
Juliana dat goed kon, rode sjerp rond zijn uitpuilende middel, met een
hondje en met een grote hoeveelheid make-up op zijn hoofd. Er zit
vermoedelijk lijm in die make-up en hij smeert het op zijn gezicht terwijl
hij glimlacht want een andere gelaatsuitdrukking heb ik niet kunnen
ontdekken. Maar toch gaat zo’n hele zaal uit zijn dak en ik vroeg een
jongeman die dicht bij mij stond (en waarmee ik ook best wel een gesprek
wilde aanknopen) wat er nou zo leuk was aan Eddy Wally. "Ja niks
eigenlijk" zei hij een beetje verbaasd. "Het is meer een raar fenomeen".
Kortom, we hebben samen met hem zijn liedje gezongen en ik mocht hem
aanraken. Die hand ging ik nooit meer wassen, dat begrijp je.
Wubby Baalman
Een zondag in Odoorn
Waarbij het koor een koude zondag doorbracht in Odoorn en in de pauze
tussen twee optredens nog wat extra geld verdiende...
Met enige tegenzin vertrokken we zondag om kwart over een richting Odoorn.
We moesten optreden in een sporthal ten bate van de slachtoffers van de
tsunami in Azië. De tegenzin werd veroorzaakt door het feit dat we om
kwart over twee en om twintig over vier moesten optreden. Beide
optredentjes zouden bestaan uit een drietal, hooguit viertal liedjes. We
zouden dus bijna twee uur moeten wachten. Gelukkig had, ik meen Inge, een
goede invulling bedacht. "Laten we Guus een bezoekje brengen in z'n hotel
aan de rand van Odoorn" Zo gezegd, zo gedaan. Een twintigtal mensen
vertrokken te voet of met de auto na ons eerste optreden richting hotel
Odoorn.
Maar nu moet eerst even verteld worden dat de heer Guus tijdens onze
meezingavond in Rue de la Gare een enstige poging gedaan had de boel in
het honderd te laten lopen door veel te hard, veel te langzaam, uit de
maat en met een stuk in de kraag van hier tot Odoorn mee te brullen met
het koor. Wat wij dus zochten was wraak en op het parkeerterrein van het hotel
spraken we af dat we al zingend naar binnen zouden lopen en we hoopten dat
we zo zouden kunnen zorgen voor enige - laten we zeggen - overlast.
Nieuwsgierig naar de reactie van Guus schoven we de lobby van het hotel
binnen. Onze goede opvoeding weerhield ons ervan meteen los te branden in
jubelzangen en voos gebral, dus we namen ingetogen plaats aan de bar,
waarbij Bauke minzaam aan de inmiddels ten tonele verschenen Guus vroeg of
het gelegen kwam dat we met het hele koor even een bezoekje brachten aan
zijn etablissement. Je kon even merken dat Guus iets weg moest slikken -
in de loop van de middag moest hij het diner voor een vrij grote groep
eters verzorgen - maar ik moet zeggen, hij vatte de zaak toch sportief op.
Na een poosje had iedereen een drankje voor zich staan en werd het gezang
gaandeweg wat luider en vrijmoediger.
Toen verscheen een heer uit een aanpalend vertrek die bij een gezelschap
van een man of tien eters hoorde. De dames en heren wilden graag een paar
smartlappen van ons horen. Bauke reikte hem het repertoire-overzicht aan
en zei dat ze maar wat uit moesten zoeken, maar..... na afloop wilden we
dan wel even "met de pet" rond. "Voor het goede doel, weet u wel..." Dus
stelden we ons, met Wubby aan het hoofd, netjes op in de ingang van het
vertrek en brachten de dames en heren een imposante aubade, waarbij Albert
(voor mij geen slingers) en het komische duo Bauke (Manuela) en Roel
(Chauffeur en vriendje van Manuela) er niet voor teugdeinsden hun soli
(soloos, solo's) voor het voetlicht te brengen. Bertha ging na afloop met
de hoed rond en kon €80,- in haar décolleté laten verdwijnen. (Later zou
Roel het er hoogstpersoonlijk weer uithalen ten overstaande van een
gymzaal vol verbaasd toekijkende Odoorners)
Na het tweede optreden om inmiddels half vijf kwam er een eind aan een
toch welbestede zondagmiddag.
Joop Markerink (17-1-'05)
Een Pools-Nederlandse ontmoeting
Het Poolse koor zat al in de bus, klaar om weer af te reizen naar hun
gastgezinnen, toen er een raar in een zwarte pantjesjas gestoken mannetje
met het verzoek kwam te assisteren bij het zingen van een Pools lied.
Insiders gaat nu onmiddellijk een licht op: dat moet Jan Goeree geweest
zijn, één van de opperstalspreekmeesters en doorluchtig voorzitter van het
Smartlappenkoor "Heerlijk Leed" uit Emmen. Het moet nu toch even gezegd:
Jan mag dan af en toe - en dan het liefst op vrij cruciale momenten - een
geheugen als een zeef hebben, maar aan fantasierijke en wilde ideeën
ontbreekt het hem niet.
Zo kon het dan ook gebeuren dat op zaterdag 9 april 2005 tijdens een
optreden van ons koor een stel in Poolse klederdracht gestoken heren en
vooral dames binnenwandelde in de wereld van glas en beton van het Emmense
winkelcentrum "de Weiert" om zich spontaan tussen de rijen van "Heerlijk
Leed" op te stellen. Wubby had zich namelijk ter gelegenheid van het
60-jarig bevrijdingsfeest van Emmen op haar archief gestort en daar het
schone lied "Plynie Wisla, plynie" uit opgediept. Ooit, een jaar of vijf
geleden, was dit lied al eens door "Heerlijk Leed" vertolkt en had toen de
nodige emotie en ontroering bij toen aanwezige Poolse bezoekers
veroorzaakt en nu deed zich nóg eens een gelegenheid voor dit lied
andermaal te zingen. Twee woensdagavonden hebben we de kans gehad ons de
van een overdreven hoeveelheid medeklinkers voorziene tekst (Kto go raz
pokochal, nie zapomni w grobie) min of meer eigen te maken en toen moest
het dan maar gebeuren. Als we het op eigen kracht hadden moeten doen, was
het volgens mij nog een beetje een probleem geworden, maar dank zij de
briljante inval van Jan en de steun van de dames en heren van het Poolse
koor klonk het zó goed dat we zelfs twee maal hebben gezongen. Vervolgens
bracht het Poolse koor nog een tweetal andere Poolse liederen om daarna
het "podium" weer aan ons en onze collega’s van Millenniumleed uit
Emmercompascuum te laten en vrolijk zwaaiend het winkelcentrum verlieten.
Voor ons en hopelijk ook voor onze Poolse "collega’s" was het een leuke en
hartverwarmende ervaring.
Joop Markerink (10-4-'05)
1 mei 2005 - dag van de arbeid - Lingen
Om kwart voor twaalf vertrokken we met de bus vanaf het parkeerterrein
naast de Giraf richting Lingen, waar we zo tegen half één aankwamen. Een
stralend zonnetje, Kaffee mit Kuchen en het aangename gezelschap zorgden
voor een opperbeste stemming. Nadat we de consumpties afgerekend hadden
deed voorzitter Jan een greep in z’n tas en haalde de consumptiebonnen te
voorschijn.
Enigszins verscholen achter een bruine-bonen-kraam, stond het bekende van
blauw-wit zeildoek voorziene podium waarop een bedrukt kijkend
accordeonorkestje de eerste pogingen deed de feeststemming op gang te
brengen.
Na het optreden van het "Volk van Grada" was het inmiddels half twee
geworden en was het onze beurt het Hollandse cultuurgoed over het
voetlicht te brengen.
En nu maar hopen dat de gemiddelde Duitser denkt dat wij Hollanders een
volkje zijn dat, getooid met gouden oorijzers, de voeten in de klompen, al
smartlappen brullend, bruine bonen met spek en nieuwe haring etend in de
schaduw van het grote Duitse rijk ons een plaats op de wereldkaart
proberen te veroveren.
De koningen van het Marktplein waren toch wel de leden van het dweilorkest
"de Ölietappers" uit Schoonebeek, die met veel koper, bier en een gulle
lach aller harten veroverden. Ook de meisjes van het koor waren onder de
indruk van de vaardigheden van deze mannen en draaiden op de schetterende
tonen van de blazers wulpse walsjes in het stralende zonnetje van de
markt.
De heren der schepping hadden ondertussen in een hoek van het raadhuis een
"Zaugstelle" ontdekt en poseerden met bronstige blikken voor de camera van
Roel, zich niet bewust van het feit dat waar zij zondige gedachten kregen
bij het werkwoord "Zaugen", Duitsers die gedachten waarschijnlijk meer
krijgen bij het woord "Blasen". Zo zie je maar weer dat er grote
verschillen bestaan tussen het Nederlandse en het Duitse "kulturgut". Tijdens ons tweede optreden had zich intussen een indrukwekkende menigte
gevormd die de indruk maakten dat ze onze inspanningen wel konden
waarderen. In de lange pauzes tussen de drie optredens werden grote glazen
gerstenat genuttigd door met name het mannelijk deel van het koor, hoewel
de dames zich ook niet onbetuigd lieten. Het zingen en dansen ging ons dus
steeds gemakkelijker af.
Voor het derde optreden brachten we samen met de accordeongroep Emmen het
lied "Die kleine Kneipe am Hafen" dat toch af en toe een beetje ontaardde
in "Het kleine café aan de haven". Tijdens deze verheffende vertoning
bleek de dirigent van de accordeonistes ook zelf een virtuoos bespeler van
het schippersklavier te zijn en toonde een unieke combinatie van dirigeren
en musiceren. Op z’n lange, magere benen zwierde hij over het marktplein
en gaf met weidse gebaren het juiste tempo aan.
Toen kwam het laatste optreden. De meeste mensen waren al naar moeders
pappot vertrokken, maar zoals iedereen die ons koor een beetje kent wel
weet: door zulke dingen laten we ons niet uit het veld slaan en vooral,
toen we met bovengenoemde Schoonebeker olietappers het fraaie lied "De
clown" brachten, werd het weer knap gezellig. Bouke deed verwoede pogingen
het geluid van het koper te overstemmen en de rest van het koor probeerde
het tempo van het refrein bij te benen. Ik weet niet hoe het uiteindelijk
geklonken heeft, maar aan onze inzet heeft het in ieder geval niet
gelegen.
Om kwart over zes schoven we aan aan een buffet in café-restaurant
"Extrablatt" en dat bleek van goede kwaliteit te zijn. We hadden
natuurlijk door al dat bier en gezang ook een forse eetlust ontwikkeld,
dus wij lieten ons de hapjes en de sausjes goed smaken.
Hulde aan de organisatoren van de happening en "nächstes Jahr kommen wir
wieder", zal ik maar zeggen.
Joop Markerink (2-5-'05)
Hollandtag in Lingen
Dan is het zondag, we gaan op weg naar Lingen in Duitsland. Het
zonnetje had er ook zin in en vergezelde ons de hele dag. Iedereen was
keurig op tijd, nou ja iedereeen. Op meesterlijke wijze wist onze 1,2,3,
te laat, Albert Lubach op het laatste moment in de bijna rijdende bus te
springen. Zijn reputatie werd dus hooggehouden. Drie kwartier later
stonden we in Lingen, ons eerste optreden was gepland om half 1, voor een
bija leeg plein weerklonken onze klanken door de Duitse lucht. Jan
presenteerde op meesterlijke wijze in vloeiend Nederlands onze liedjes. na
ons eerste optreden zwierven we uit over de diverse terrrasjes of gingen
Kaffee und Kuchen nuttigen in de koffiebar. Op de terrasjes had je de
grootste moeite je eten of je drinken in de borden of de glazen te houden,
de wind deed soms succesvolle pogingen. Ook nu hebben we weer bewezen dat
we een zuinig volkje zijn, we zijn natuurlijk meesters in het vinden van
het goedkoopste van het goedkoopste. In het gevonden Eurowinkeltje werd
van alles en nog wat gekocht, van vergieten, petten, netten, sjalen,
maskers etc, etc. Ons tweede optreden was voor een rijkelijk gevuld plein,
we deden ons best om boven het huilen van de wind, die soms door de
microfoons loeide, uit te komen.
De presentatie was in handen van Anneke Loonstra, het ging in een taal
waar de makers van de woordenboeken nu nog hoofdbrekers over hebben, het
was een mengeling van Steenkolenduits, Gronings en Drents, het mocht de
pret niet drukken, zelfs onze Duitse liedjes werden meesterlijk vertolkt.
Na het tweede optreden zochten we de winderige terrasjes weer op. Later
vonden we onze jan Boon verscholen tussen de leden van het accordeonorkest
hun liedjes dapper meetrekken. Wij werden gevraagd om de bekende liedjes
van het Amsterdamse repertoire met het orkest mee te zingen, zelf de
polonaise deed het goed, Wubby vond het geweldig. Als laatsten mochten de
artiesten van Heerlijk Leed nog éénmaal het podium op. Dit werd zoals gewoonlijk het beste optreden daar de drank dan in de man
is. Doordat veel mensen het juiste woordenboek nog niet hadden gevonden
brachten we onze troef Wilfried in stelling. In vloeiend Duits vertelde
hij over de inhoud van onze liedjes, Duitsland haalde opgelucht adem.
Na het zingen spoedden wij os allen naar het Café Extrablatt, waar een
heerlijk buffet ons toelachte, er was van alles, aardappelen, groente,
fruit, kaas, voor sommigen veel te hete (lees pittige) kippepoten,
schnitsels, en desserts, al met al voor ieder wat wils, De potten en de
pannen werden dan ook door ons leeggeroofd. Met volle magen begaven we ons
naar de bus, Het feestje ging in de bus gestaag door, mede aangewakkert
door de cd's van Gerda en Harry, het Liedje Haleluja scoorde hoog. Ons Bep
had ergens twee flessen Moorwasser weten te scoren, een ieder probeerde
dit Duitse hartversterkertje, dat lievelijk over je tong glijdt en dan als
een bom naar binnen slaat. De roep om meer Moorwasser schalmde door de
bus, helaas kwam aan alles een einde, geen Moorwasser meer en we waren
bijna thuis. De pet ging nog even rond voor onze chauffeur en tegen kwart
voor tien waren we weer op de plaats van bestemming.
Al met al vond ik het een geslaagde dag.
Roel Beekelaar
Het optreden in Luttenberg
Als we in het gastenboek de opmerkingen van Jacob lezen, dan denk ik
dat die paar woorden van hem precies de spijker op de kop slaat. Wat zijn
wij een heerlijk koortje. De reacties van die dag waren dan ook geweldig,
diverse andere koren zeiden woorden van gelijke strekking. Het hing de
hele dag al in de warme en klamme lucht. Zowaar konden we op tijd
vertrekken (Anneke L, op het randje, de bus reed al) via een toeristische
route, waarin de organisatie niet goed wist waar ze met onze bus
heenmoesten, kwamen we op de plek van bestemming aan. In Luttenberg was
veel publiekelijk vermaak, oude Auto's, motoren, marktkraampjes, bier- en
vreettenten en wat dies meer zij. We zouden met de Stroatkjals in optocht
naar de diverse pleintjes worden gebracht, maar ach, wij weer niet hé,
onze prioriteit was de koffiepot en wij waren op de plek waar we onze
eerste liederen ten gehore gingen brengen. We hadden een leuk publiek, het
klompje van de Stroatkjals klapte vrolijk in de maat mee. Veertig minuten
is best lang om te zingen en organisatorisch waren we al na een half uur
door onze liedjes heen. Maar dan komt ons inprovisatievermogen weer naar
boven, we zongen gewoon de overige tien minuten vol. Joke, onze hostess,
deelde de consumptiebonnen uit en een ieder laafde zich aan het bier, de
wijn en het fris. Opgemerkt dient te worden dat Jan Krabben keurig aan de
koffie zat. Ons tweede optreden was vijftig meter verderop, het terras zat
vol en we kweelden vrolijk onze liederen. Gerrit deed ook zijn best en
zijn score was een paraplu, een slok bier onderweg en een portomonnaie met
inhoud, de terugreis was daarmee gegarandeerd. Ons derde en laatste setje was weer vijftig meter verderop, het daar
aanwezige terras was rijkelijk gevuld, Manon lag bij één van de mannen uit
het publiek duidelijk in de race, af en toe opstaand, zong hij haar toe.
leden van de andere koren sloten zich bij ons aan en zongen vrolijk onze
liedjes mee, andersom gebeurde dat ook. Muziek verbroederd zal ik maar
zeggen. Onze Trix had in het hele dorp balonnen opgehangen met haar naam
er op. Een beetje overdreven Trix. Daarna gingen we naar het terras waar
het allemaal voor ons was begonnen, acht koren schraapten de kelen en
zongen gezamelijk een drietal liederen. Het hele plein zong mee. Geweldig
wat een happening.
We verzamelden ons nadien in een grote zaal waar we bedolven werden onder
broodjes en soep. Wilfried was even de weg kwijt en zijn duurverdiende
soep viel niet verder dan de grond. Diverse koren begonnen spontaan te
zingen, de rest van de koren luisterden aandachtig. Het staartje van de
Honsrug werd door ons gezongen. Inmiddels was Erik met de bus aangekomen
en we gingen huiswaarts. Bertha zou Bertha niet zijn als er niet iets
onder de kurk zat, weer dat heerlijke Moorwasser. Harry en Marian bleken
ook een fles Doppelkorn meegenomen te hebben, dus er was voor elk wat
wils. Onder de muziek die uit de speakers van de bus kwam en ons vrolijke
gezang, kwamen we in Emmen aan. De pet van Anneke B deed dienst als
vergaarbak voor de muntjes voor Erik (de busschauffeur) die daarmee een
zakcentje had. Al met al een geslaagde dag, een ieder die niet mee is
geweest, heeft zeker iets unieks gemist.
Roel Beekelaar
Het tienjarig bestaan
Op 17 mei 2008 hebben we ons tienjarig bestaan gevierd in een zaaltje van "Het wapen van Emmen". Veel leden, oudleden en partners van leden en oudleden waren afgekomen op het feestje, dat muzikaal opgeluisterd werd door "The Stokers". Het speelplezier van deze zesmans band straalde af op alle aanwezigen die zich die avond prima vermaakt hebben. Heerlijk Leed recruteert haar leden uit een breed scala van culturele en sociale lagen van de maatschappij en op deze avond bleek eens te meer dat het samen zingen van smartlappen een bindende factor is. Het koor van Wubby heeft zich van haar beste kant laten zien. Gelegenheidsacts werden ten tonele gevoerd. De Feesthoedjes en het Smartlappenbevrijdingsfront hadden hun creativiteit losgelaten op het repertoire van ons koor en dat heeft een aantal niet al te smartelijke teksten opgeleverd.
Een ander optreden werd verzorgd door de "zaaie" zusjes Irma (Ineke) en Ingrid (Ine). Regelmatig worden deze meisjes op hun vingers getikt vanwege hun niet aflatend gegiechel en geklets, maar nu hebben ze echt beloofd het nóóóóit meer te doen!!! Ze hebben er spijt van. Kijk maar.
Iedere woensdag hebben we onze repetitieavonden in het wijkgebouw in de Bargermeer, Winkelakkers 2 te Emmen. Nog niet zo lang geleden deden we dat in verpleeghuis "De Bleerinck" aan de Spehornerbrink 1 in de Bargeres in Emmen. Als de grote zaal beschikbaar was, zongen we daar, vaak echter was dat niet het geval en dan kropen we met z'n allen in het washok, waar we in de frisse omo geur van versgewassen onderbroeken onze smartlappen oefenden. Om negen uur is het koffiepauze en om een uur of tien houden we onze oefensessie voor gezien en trekken velen van ons zich nog even terug in de bar om de avond in stijl af te sluiten met een "derde ronde". Onze repetitieavonden zijn altijd erg gezellig en worden druk bezocht. In de Bleerinck werden we vaak ondersteund door een aantal patienten, die een smartlap ook wel zagen zitten. In de zomervakantie van het onderwijs gaan ook wij op "zomerreces" en ook in de kerstvakantie houden we er even mee op.
Kerst in Roswinkel
Eens per jaar, meestal op de laatste zondag voor Kerst, hebben we ons traditionele "Kerstconcert" in theaterboerderij "De Noorderbak" in Roswinkel. Naast ons gewone repertoire, brengen we dan kerstliedjes, luisterliedjes, ja zelfs speciale kerstsmartlappen ten gehore. Het optreden in "De Noorderbak" wordt door velen beschouwd als het culturele hoogtepunt van het seizoen. In ieder geval is het een prima "opwarmertje" voor de komende feestdagen. Er wordt voor de gelegenheid een speciaal programmaboekje gemaakt met alle teksten en vaak is er een verassingselement: een gastoptreden of een bepaald thema. Voor dit speciale optreden wordt dan ook stevig gerepeteerd. Tenslotte is dit het enige optreden waar de mensen voor moeten betalen om het te "mogen" bijwonen. Vaak zijn we in oktober al kerstliedjes aan het zingen...
De meezingavonden in Rue de la Gare
In Rue de la Gare aan de Stationsstraat in het centrum van Emmen
organiseert "Heerlijk Leed" ieder jaar een aantal meezingavonden. Soms is
er een vast programma, vaak een "roept-u-maar-avond", waarbij het publiek
een keus kan maken uit een lijst met liedjes. Dit jaar waren die avonden
gepland in Januari, maart en mei. De avonden zijn steeds zeer warm en zeer
gezellig en worden bezocht door familieleden, partners van leden, oudleden
en fans van het koor. De entree is gratis en via de website, de
plaatselijke kranten of een poster wordt u op de hoogte gehouden wanneer
een volgende avond plaatsvindt.
Het mysterie van de huilende kinderen
De huilende kinderen (meestal jongetjes), die als achtergrond gebruikt worden op veel websites van smartlappenkoren
zijn van de hand van een Spaanse schilder Bruno Amadio, die ook bekend
stond als Bragolin. Andere pseudoniemen die genoemd worden zijn Franchot
Seville, Giovanni Bragolin en J. Bragolin.
Wie de kinderen zijn is niet bekend, al wordt verteld dat één van de
kinderen een weeskind was. Nadat het kind geschilderd was, brandde het
atelier van de kunstenaar af en het jongetje zelf kwam om het leven bij
een verkeersongeval.
In de Britse krant "The Sun"
van 4 september 1985 stond een opzienbarend artikel met de veelzeggende titel "Curse of
the Crying boy".
Volgens de schrijver van dat artikel rust er op de schilderijen van Bragolin een vloek.
Een Engelse brandweerman vertelde dat er meermaals onbeschadigde
exemplaren van deze schilderijen gevonden waren in diverse afgebrande woningen. De
mythe is dat de natte tranen van de kinderen de schilderijen gered zouden
hebben van de ondergang. Ook is er nog het verhaal van iemand die op de
vloer onder een aan de want hangend schilderijtje een natte plek in het
tapijt vond.
De magische krachten die deze schilderijen uitoefenen gelden niet alleen
voor de orginelen, maar ook voor de talrijke reproducties die in omloop
zijn. Bedenk dus goed want u doet vooraleer u zo'n huilend jongetje aan de muur van uw huis
hangt, want er is dan een grote kans dat het onheil u zal achtervolgen.
Het uiteindelijke resultaat zal zijn dat uw huis tot de grond toe zal
afbranden.
De smartstok (en verwanten)
De jongste innovatie binnen ons koor bestaat uit een smartstok. Het apparaat
heeft voordien de namen "pielekut" en "kuttepiel"
gehad. "Kuttepiel" volgens Wikipedia, de vrije encyclopedie:
"Een kuttepiel is een percussie-instrument. Het instrument bestaat
uit een stok waar een paar balkjes aan vastgespijkerd zijn, in de vorm
van een soort kruis. Op dit kruis zijn bierdoppen vastgespijkerd en in
het midden is een blik bevestigd waarop getikt kan worden. Het instrument
wordt bespeeld door ermee tegen de grond te tikken. Het Friese folkduo
Pigmeat staat bekend om zijn gebruik van de kuttepiel.
In Australië bestaat ook een soortgelijk instrument; daar wordt het Lagerphone
genoemd."
Deze variatie op de kuttepiel werd ontworpen en vervaardigd door Albert
Schreuder en levert tegenwoordig een niet te onderschatten bijdrage aan
de muzikale ondersteuning van ons koor. De Angelsaksische landen kennen
de lagerphone, een stampstok met veel bierdopjes. Uit de Verenigde Staten
komt een verre verwant, die gebukt gaat onder de naam Stumpf
fiddle. Dit instrument vertoont meer overeenkomsten met de door ons
koor gebruikte smartstok dan de eerder behandelde kuttepiel.
De smartlap (Uit de Volkskrant)
De Smartlap
Geen leed te hevig, geen ellende te diep, of het komt aan de orde in
de populairste Nederlandstalige liedvorm, de smartlap. In de smartlap
is het leven geen pretje. Het kan zijn dat het geluk je heel even toelacht,
maar al snel slaan ziekte en dood toe en is het gedaan met de voorspoed.
Vooral moeders sterven in de smartlap bij bosjes.
De naam 'smartlap' is een halve eeuw oud, het genre veel ouder. Het lied
'Kus mij vader, ik ga rusten/ 'k Zal weldra bij mijn moeder zijn' (moeder
is al dood en het kind maakt het ook niet lang meer) stamt uit 1881. Voor
de Tweede Wereldoorlog verspreidden zangers als Pisuisse, Speenhoff, Bandy
('Ween niet, moeder! Moeder! Ween niet') en Derby de faam van wat toen
nog het levenslied heette. Dat beleefde in de jaren veertig en vijftig
nieuwe hoogtepunten, met klassiekers als 'Ketelbinkie' en 'Zuiderzeeballade'.
Maar Johnny Hoes en de Zangeres zonder Naam moesten eraan te pas komen
om de echte smartlap te lanceren - hoewel de Zangeres zelf van die term
niks moest hebben. Met het derde nummer dat Hoes voor haar schreef ('Ach,
vaderlief, toe drink niet meer', uit 1959) was het raak. Even later, op
15 september 1961, verscheen voor het eerst de term 'smartlap' in druk,
in de Leeuwarder Courant. Hij was vermoedelijk bedacht door de dichter-zanger
Alex de Haas. Die wilde er zijn afschuw van het genre mee uitdrukken,
maar binnen de kortste keren was het een geuzennaam.
Het verhaal dat 'smartlap' verwees naar het doek waarop middeleeuwse troubadours
hun teksten toonden, is een verzinsel van cabaret- en liedhistoricus Jacques
Klöters. Dat verhaal deed het dertig jaar erg goed, tot Klöters
in 2002 toegaf dat hij het had verzonnen. Smartlap is de vertaling van
'Schmachtlapp', al een eeuw de naam voor de Duitse smartlap.
De smartlap groeide mee met de populariteit van de piratenzenders. In
1965 werd Patsy van Rein de Vries een grote hit, dankzij Radio Veronica.
Het gruwelijke klasseconflict bewoog velen tot tranen: Vlakbij de haven
staan heel oude huizen/ Somber en donker, bouwvallig en koud/ Daar woont
een meisje, ze noemen haar Patsy/ Zij is het meisje dat veel van me houdt.
Maar ja, Pats is van simpele komaf (ze woont in een krot, Met de huisdeur
kapot), en de afloop is fataal. Laatst vroeg een buurman heel zachtjes
aan vader/ 'Ken jij die Patsy, ze kwam wel eens hier/ 't Meisje is droef
aan haar einde gekomen/ Gisteren vond men haar in de rivier.'
In de jaren zestig kreeg de smartlap status, doordat de 'hogere cultuur'
zich erover ontfermde. De dichter Lucebert schreef voor de Zangeres zonder
Naam 'Soldatenmoeder', een smartlapprotestsong tegen de oorlog in Vietnam.
En in datzelfde jaar zong de Zangeres het lied 'De Vlieger' tijdens de
uitreiking van de PC Hooftprijs aan Gerard Reve.
Nu iedereen de smartlap mooi mocht vinden, was het hek van de dam. Met
'Huilen is voor jou te laat' (ik kan niet meer) hadden Corry en de Rekels
begin jaren zeventig een van de grootste Nederlandstalige hits aller tijden.
Herman van Keeken bezong het leed van de scheiding in 'Pappie loop toch
niet zo snel' en Hepy&Hepy lagen op hun kussen stil te huilen. Na
Johnny Hoes werd ook Vader Abraham multimiljonair met de smartlap.
De Zangeres, inmiddels tevens moeder aller homo's, ging intussen ook gewoon
door met het uitbrengen van meesterwerk na meesterwerk. ('Het soldaatje',
'Achter in 't stille klooster' en, over de gevaren van het liften voor
jonge meisjes, 'Mag ik van u een lift meneer'). In Gedeelde Smart van
Roelof de Vries en Jan van Lieshout vertelt Hoes dat hij de Zangeres soms
van achter de pannen naar de studio sommeerde te komen, waar zij zijn
nieuwste geesteskind binnen de kortste keren met snik en al op de plaat
zette: weer een hit.
Na een moeilijke periode in de jaren tachtig, keerde de smartlap (zelf
sprak hij liever van 'levenspop') terug aan de hand van André Hazes.
De documentaire 'Zij gelooft in mij' van John Appel maakte Hazes in één
klap van camp tot breed gewaardeerd vertolker van ellende en tegenslag
op talloze gebieden, maar vooral op dat van de liefde ('alsof ze mij al
jaren kon/ ze zou me kennen van de straat of het perron').
In het voetspoor van Hazes trok een grote groep vertolkers van het gekwelde
genre voorbij, met Frans Bauer voorop en Jeroen van der Boom als recent
en talentvol voorbeeld. Ik ken jou als geen ander/ Je bent met mij gewend/
Ik mis je zo/ Terwijl je hier nog bent.
Tientallen koren zingen tegenwoordig uit volle borst smartlappen en jaarlijks
trekt een meerdaags smartlappenfestival in Utrecht duizenden liefhebbers.
Met 'Papa hangt in de kelder' en 'Plastic rozen verwelken niet' behoort
Guido Belcanto tot de groten van het smartlapwezen, maar hij is Vlaams.